‘Mijn vrouw is overleden, maar Buurtzorg komt nog steeds’

De vrouw van Jan ter Bruggen (88) is afgelopen zomer overleden. Ze werd 86 jaar. Door de gevolgen van kanker had zijn vrouw de hulp van Buurtzorg nodig. Inmiddels komt Buurtzorg ook dagelijks  voor Jan zelf. Hij vertelt: “Mijn vrouw heeft enorm van Buurtzorg genoten en er veel baat bij gehad! Dag en nacht stonden ze voor ons klaar. Letterlijk! Zo is het wel eens gebeurd dat ik ‘s nachts naar het ziekenhuis moest vanwege problemen met mijn hart. Voordat ik de ambulance belde, zorgde ik dat Buurtzorg gebeld was. Binnen een kwartier waren ze er! Zij bleven bij mijn vrouw totdat mijn zoon er was om ze af te lossen. In 2011 kwam Buurtzorg voor de eerste keer. Uiteindelijk kwamen ze soms wel vier keer op een dag. Ze hielpen mijn vrouw met de sondevoeding, ’s morgens hielpen ze haar wassen en aankleden en ze zorgden voor de juiste medicatie. Als de zuster er was, kon ik even boodschappen doen. Gelukkig maar, want door de ziekte van mijn vrouw kwam ik bijna de deur niet meer uit. Ze kon heel slecht alleen zijn. Maar ze kon bijzonder goed opschieten met de zusters en vond het goed om even alleen met hen te zijn. Dat was mooi om te zien. Het ontroerde me! De zusters van Buurtzorg begrepen haar en namen alle tijd.  Maar dat niet alleen… Ze zorgden ook een klein beetje voor mij. Mijn vrouw is overleden, maar Buurtzorg komt nog steeds. Zelf ben ik namelijk ook patiënt. Ik draag de gevolgen van prostaatkanker en uitzaaiingen in mijn rechterdijbeen. Ook heb ik last van mijn hart en ben ik gedotterd. Kortom; mijn gezondheid is erg achteruit gegaan. Dagelijks komt Buurtzorg langs om mijn medicijnen klaar te leggen. Ook vragen ze hoe ’t met me gaat. Het is heel fijn om dagelijks een vertrouwd persoon te zien die je vragen kunt stellen en die jou ook nog even vraagt of ze iets voor je kan doen. Dat doet een mens goed!